Over Spirit

Kinderen, jongeren én hun ouders zijn welkom bij Spirit, ongeacht hun situatie of achtergrond. Met hart en ziel zetten wij ons ervoor in dat zij veilig en liefdevol opgroeien, meetellen, kansen krijgen, meedoen, zichzelf ontwikkelen en ontplooien. Wij zijn er, ook als de vraag complex is en de situatie uitzichtloos lijkt. We denken in kansen en we handelen vanuit de mogelijkheden die we samen met het gezin zien.

Herbergzame samenleving

Spirit staat klaar voor jeugdigen en gezinnen die de aansluiting met de samenleving missen. We kijken naar hoe ieder mens is en helpen zonder waardeoordeel. We zien verschil, maar handelen op basis van respect en gelijkheid. Met Spirit willen we een afspiegeling zijn van de samenleving die wij intrinsiek nastreven: een inclusieve, pluriforme maar herbergzame samenleving waarin iedereen meedoet en meetelt, en waarin mensen voor elkaar opkomen.

We zijn er vroeg bij

We blijven zoeken naar wat er nodig is om kinderen vanaf hun geboorte, of zelfs al tijdens de zwangerschap, gezond en veilig te laten opgroeien. We zorgen dat we dáár zijn waar we met het gezin willen dat het goed gaat, en we tegelijkertijd voorkomen dat kinderen in zwaardere jeugdhulp terecht komen.

Opgroeien doe je niet alleen

Opgroeien doe je niet alleen. Opa, oma, vrienden, nieuwe partner van gescheiden ouders, coach van de sportclub of een goede bekende in de straat: allen spelen een belangrijke rol bij het opvoeden en opgroeien van jeugdigen. Iedere jeugdige heeft weleens ondersteuning nodig om de weg naar volwassenheid te vinden. De meeste jeugdigen en gezinnen lukt het om die ondersteuning zelf te organiseren. Bij gezinnen die dat niet lukt, zorgen we er samen met het gezin voor dat de jeugdige zo goed mogelijk opgroeit.

Leidende principes

De dromen, wensen, behoeften en ambities van jeugdigen en hun gezin, hoe zij in het leven willen staan en de vraag die zij op basis daarvan hebben. Dát vormt het vertrekpunt van ons handelen, níet onze zorg. Onze hulp is daardoor divers en altijd op maat, en bestaat uit ondersteuning, begeleiding, coaching en zorg. De basis van onze werkwijze:

  • Liefdevolle relatie: We staan liefdevol en onvoorwaardelijk naast de jeugdigen en hun gezin. We zien, horen en erkennen hen op een aandachtige en open manier. En we blijven erbij, ook als het moeilijk wordt.
  • Perspectief en ruimte voor ontwikkeling: We creëren een omgeving waarin jeugdigen leren, fouten mogen maken, zich ontwikkelen en veilig opgroeien.
  • Veerkrachtige medewerkers: We zijn veerkrachtig en in staat om met onmacht en tragiek om te gaan. Dit vraagt ook in het kunnen beheren van eigen emoties en goed voor jezelf zorgen.

Wij zijn een organisatie die:

  • Werkt vanuit een aandachtige, open, alerte en respectvolle houding, waardoor de jeugdige en het gezin zich gezien en gehoord voelt;
  • Mét de jeugdige en het gezin praat, in plaats van over hen;
  • Met de jeugdige en het gezin de eigen mogelijkheden benut;
  • Voor duurzame oplossingen gaat;
  • Ervoor zorgt dat de jeugdige zich thuis voelt, ook als hij of zij even niet thuis kan wonen;
  • Presentie als vertrekpunt neemt: er daadwerkelijk zijn en doen wat nodig is;
  • Om feedback vraagt om te toetsen of we écht van betekenis zijn;
  • Actief in verbinding met de omgeving staat, en nieuwe inzichten en innovaties doorvertaalt naar de dagelijkse praktijk;
  • Radicaal nieuwe oplossingen zoekt en creëert, waarbij we gebruik maken van de meest recente technologieën;
  • Met positieve energie werkt en voortdurend zoekt naar hoe het beter kan.

Onze professionals

Iedere professional van Spirit draagt bij vanuit de gedachte dat ieder mens ten diepste waardevol wil zijn en gewaardeerd wil worden. We stellen hoge eisen aan elkaar, maar geven elkaar ook ruimte. We werken in teams zonder hiërarchie en talloze regels. Iedereen heeft de verantwoordelijkheid om te investeren in zijn eigen toegevoegde waarde. Elke professional is hierin zelf leidend en dat begint bij aangeven en organiseren van wat je nodig hebt. We verstaan ons vak en investeren in het vergroten van onze professionaliteit, en reflecteren continu. Onze creativiteit blijven we stimuleren: hoe meer kansen we zien, hoe meer mogelijkheden we scheppen om de jeugdige en het gezin echt verder te helpen.

De toekomst

We erkennen de urgentie en noodzaak om de hulp die wij bieden steeds te verbeteren. We zien onszelf als een community die naast professionals bestaat uit pleegouders, jeugdigen en gezinnen, gemeenten, sociale partners en opdrachtgevers. Met deze community willen we verandering tot stand brengen. Opdat álle jeugdigen veilig opgroeien in een gezonde samenleving, waarin ze meetellen en kansen krijgen, en zij zichzelf maximaal ontwikkelen en ontplooien.

Wij zijn Spirit, en we zijn trots op wie we zijn en wat we doen!

Wij werken voornamelijk in de gemeenten Aalsmeer, Amstelveen, Amsterdam, Beemster, Diemen, Edam-Volendam, Haarlemmermeer, Landsmeer, Oostzaan, Ouder-Amstel, Purmerend, Uithoorn, Waterland, Wormerland en Zaanstad. Ook buiten deze gemeenten zijn we actief, bijvoorbeeld in de regio’s Alkmaar en Hoorn. Vanaf 2017 werken we ook in de regio’s Utrecht-West en Gooi en Vechtstreek. Ik wil contact opnemen met Spirit.

Spirit wil hulp van goede kwaliteit bieden. We werken met professionele hulpverleners en met middelen die de beste garantie op succes geven. We bewaken de kwaliteit door onze hulp regelmatig te toetsen en brengen verbeteringen aan waar nodig:

– Elk hulpverleningsplan wordt met jongens, meisjes, ouders en verwijzers regelmatig besproken in een evaluatie en eventueel aangepast als dat tot betere of snellere resultaten leidt.
– Aan het einde van de hulpverlening vragen we naar de ervaringen van onze hulp.
– Onze programma’s worden van tijd tot tijd beoordeeld op hun resultaten (onder andere door onze financiers). Werken ze nog goed? Zijn jongens, meisjes, ouders, Jeugdbescherming Regio Amsterdam en medewerkers tevreden? Zijn de problemen verminderd? Voldoet de hulp aan onze eigen criteria voor goede zorg? Waar kan het beter?
– We nemen kleine en grote klachten over onze hulpverlening serieus. Cliëntvertrouwenspersonen bieden begeleiding zodat de klacht juist wordt ingediend. Een onafhankelijke klachtencommissie behandelt de klacht.
– Medewerkers van Spirit spreken regelmatig met jongens, meisjes en ouders over onderwerpen die hen aangaan. We vragen suggesties voor verbetering.
– We doen regelmatig onderzoek naar de uitvoering van het werk. Dit gebeurt in interne audits (interviews met medewerkers) en medewerkerstevredenheidsonderzoeken. We vragen regelmatig aan partners of de samenwerking goed verloopt.
– Spirit voldoet aan de landelijke kwaliteitsnormen voor de jeugdzorg en is in het bezit van het HKZ-certificaat. Elk jaar toetst een externe partij of we nog aan deze normen voldoen.
– Onze hulpverleners krijgen opleidingen en trainingen om de hulpverlening zo goed mogelijk uit te voeren. Ze zijn waar nodig geregistreerd bij hun beroepsvereniging en voldoen aan de gestelde eisen.

Op deze manier zijn we doorlopend bezig de hulp aan jongens, meisjes en ouders, samen met partners, op de best mogelijke manier uit te voeren. Voor suggesties en aanbevelingen staan wij altijd open!

Geschiedenis Spirit

Sinds 1 januari 2005 heten we Spirit. Onze organisatie heeft een lang verleden.

J.L. de Jager schrijft in In Een Ander Thuis (1985): “Wezen zijn er altijd geweest. Gedurende de middeleeuwen en op het platteland tot in de vorige eeuw werden weeskinderen meestal door de overheid of de kerk bij particulieren uitbesteed. Dat ging onderhands of openbaar, bijvoorbeeld tijdens een veiling in een herberg of pastorie, waarbij de kinderen op een rij werden gezet en de omstander die het minste kostgeld vroeg, dus de laagstbiedende, hen mee naar huis mocht nemen. Een zeer vroege variant van gezinsverpleging! In de 15de en 16de en met name in de 17de eeuw ging men er in de meeste steden echter toe over weeskinderen op te vangen in speciale inrichtingen.”

Werckelicke hulp
J.Th. Engels beschrijft in Kinderen Van Amsterdam (1989): “De eerste huisjes staan tussen Rokin en Kalverstraat en bieden plaats aan zeven of acht kinderen. Maar wanneer hun aantal in 1553 is uitgegroeid tot 200, is het huis te klein en het geld op. De kinderen zullen het huis moeten verlaten “tenzij dat het bij mijnheeren de Burgemeesteren werckelicke hulp ende assistentie gedaen werdt.” Er wordt een huis aan de Kalverstraat gekocht dat doorloopt tot aan het Rokin. Om de nieuwbouw van dit Burgerweeshuis te betalen wordt een loterij gehouden.”

De Jager: “Uit de 16de eeuw dateren het Burgerweeshuis en het latere R.C. Maagdenhuis (1570). In de 17de eeuw kwamen daar nog eens bij: het Waalenweeshuis (1631), het Engelsche Weeshuis (1651), het Diaconieweeshuis (1657), het Aalmoezeniersweeshuis (1666), het weeshuis de Oranjeappel (1675), het Doopsgezinde weeshuis (1676), het Luthers weeshuis (1678) en het R.C. Jongensweeshuis (1685).”

Pestepidemieën
Waarom al die tehuizen? Omdat ze nodig waren: Amsterdam was van 30.000 inwoners in 1585 uitgegroeid tot 115.00 inwoners in 1630. In de jaren daarna woedden enkele pestepidemieën die duizenden slachtoffers maakten. Voeg hierbij de Engelse zeeoorlogen en de voortdurende armoede van het gewone volk tijdens de Gouden Eeuw en het is duidelijk dat er grote aantallen wezen moesten worden gehuisvest. De overheid kon het wezenprobleem niet aan en stimuleerde kerkelijke groepen tot het stichten van weeshuizen.

In het gareel
Deze situatie duurde bijna twee eeuwen voort. C.M. Winnubst (Systemen Van Opvoeding In Inrichtingen In Nederland, 1968): “In het begin van de 19de eeuw was er geen gedifferentieerd maatschappelijk werk, doch slechts armen- en wezenzorg welke veelal werd uitgeoefend als kerkelijke en particuliere liefdadigheid. Wanneer er niet voor ouderloze of aan hun lot overgelaten kinderen (vondelingen, kinderen wier ouders in de gevangenis zaten of ziek waren) werd gezorgd, dan werden zij door armbesturen of diaconieën zo voordelig mogelijk uitbesteed aan gezinnen. Daar er volop huisindustrie was, kon men goedkope werkkrachten gebruiken. Controle op de behandeling van de kinderen was er niet. De gestichten, vooral de grotere, waren niet veel meer dan opbergplaatsen voor kinderen (het aalmoezeniershuis ‘borg’begin 19de eeuw 2000 kinderen). Van gestichtsopvoeding, gericht op het individuele kind, kon men nauwelijks spreken. De kinderen moesten in het gareel worden gehouden, de straffen waren hard. Bij de overheid kwamen klachten binnen over misstanden in weeshuizen, men had kritiek op de opvoeding. Ook de situatie van kinderen in gevangenissen was niet benijdenswaardig.”

Verandering
Vanaf 1850 is er door wetgeving geleidelijk verandering opgetreden. Opmerkelijk is ook de toenemende invloed van pedagogische directies, die het belang van de individuele opvoeding benadrukten. Besturen en directies kregen te maken met de veranderende ideeën in de samenleving, met het ‘marktmechanisme’ van teruglopende bezetting en een overheid die de tekorten niet aanvulde. Daarnaast ontstonden ‘moderne’ gestichten die het soms beter deden dan de bestaande.

Opvoeding
In 1905 werden de Kinderwetten aangenomen, waardoor er een Voogdijraad ontstond die het opvoedingsbelang van kinderen moest waarborgen. In 1921 werden de Kinderrechter en de ondertoezichtstelling ingevoerd. Tot ongeveer 1950 bleven de inrichtingen geïsoleerde organisaties die zo modern waren als het bestuur of de directie toelieten. Winnubst: “In het begin van de jaren 50 gaan veel inrichtingen reorganiseren. Men gaat na verkregen rijksgoedkeuring over tot verzorging en opvoeding van voogdijkinderen. We zien dat veelal eerder naar voren gebrachte ideeën algemeen erkend raken: ontplooiing van de eigen persoonlijkheid, vermijden van hospitalisatie, bevorderen van gezinssfeer, co-educatie, contacten buiten bevorderen en differentiatie van aanpak.”

Onder invloed van de studies psychologie en de orthopedagogiek ontstaan er inrichtingen die op specifieke problemen of doelgroepen zijn gericht. Dit heeft gevolgen voor de instroom in inrichtingen. Bovendien begint de overheid verdergaande eisen aan de uitkomsten van de hulpverlening te stellen. Niet elke directie is daar op voorbereid. Besturen en directies reageren hierop met het zoeken van samenwerking en fusie.

Bron: Rik van Beijma

Maatschappelijk Verslag Spirit 2016

Spirit staat voor inspiratie, inspiratie zorgt voor positieve energie. En met die positieve energie denken we in kansen en handelen we vanuit de mogelijkheden die we samen met het gezin zien voor het ontwikkelperspectief van de jeugdige. Over hoe wij ons werk doen, zijn en blijven wij in gesprek met jongeren, ouders, pleegouders, opdrachtgevers, partners en alle andere betrokkenen bij de jeugdhulp. Wij hebben eind vorig jaar de voorstelling InZicht opgevoerd: een vlucht door de wereld van Spirit door de ogen van Nikki. Wat heeft Nikki nodig? Hoe maken we goed contact met elkaar? Hoe zorgen we dat we de goede dingen doen? In deze interactieve theatervoorstelling konden jongeren, ouders, medewerkers van Spirit, andere professionals en geïnteresseerden meepraten over de hulp.

Er is veel geïnvesteerd om binnen Spirit nog meer te werken vanuit de principes van de presentiebenadering: vanuit een open houding aansluiting vinden bij een jongen of meisje, werken vanuit de relatie met kinderen, jongeren en ouders, vanuit vertrouwen.

Al jaren werkt Spirit met zelfsturende teams van professionals. Vorig jaar is de zelfsturing verder doorgevoerd bij het Facilitair Bedrijf van Spirit, waarmee nu de gehele organisatie zelfsturend is. Regelmatig krijgt Spirit verzoeken van andere organisaties om te vertellen over hoe wij omgaan met zelfsturing, hoe wij dit hebben ingevoerd en welke oplossingen wij hebben gevonden voor struikelblokken die we zijn tegengekomen.

Er is met de transitie en transformatie al veel veranderd in de jeugdhulp, en de komende jaren gaat er nog meer veranderen. Spirit bereidt zich voor op de nieuwe inkoopstrategie die de gemeenten in de regio’s Amsterdam/Amstelland en Zaanstreek/Waterland in 2018 gaan doorvoeren en waarmee in 2017 al ‘geoefend’ wordt. We hebben in dit kader samenwerkingscontracten afgesloten met diverse partners met wie in de constructie van hoofd- en onderaannemer samenwerken. Spirit wil voorkomen dat gezinnen te maken hebben met schotten in de hulp. De samenwerking als hoofd- en onderaannemer draagt daaraan bij. Met de Bascule gaan we de samenwerking nog verder intensiveren. Veel van de gezinnen die bij Spirit komen, hebben ook ggz-problematiek en krijgen daarvoor hulp van de Bascule. Door de hulp van Spirit en de Bascule echt te integreren, kunnen we de gezinnen beter en sneller helpen. Daarom onderzoeken we de komende tijd hoe de samenwerking er het beste uit kan zien.

Wij blijven leren, ontwikkelen en vernieuwen. We hebben daarin al veel gedaan, maar zijn daarmee nooit klaar. In 2017 gaan we door met het vernieuwen en verbeteren van de hulp.

Het jaar 2016 heeft Spirit afgesloten met een negatief resultaat van € 0,4 miljoen. De begroting van Spirit heeft weinig ruimte om onvoorziene uitgaven op te vangen. In de begroting van 2017 houden we rekening met een klein positief resultaat, maar de ruimte om onvoorziene kosten op te vangen blijft gering. Spirit handelt vanuit de mogelijkheden. De afgelopen jaren hebben we de organisatie omgebouwd naar een platte, efficiënt werkende organisatie, met een flexibele schil van personele en materiële lasten. Ook hebben we leefgroepen omgebouwd naar kleinschalige voorzieningen, zoals gezinshuizen en kleinschalige groepen. Met deze basis blijft Spirit flexibel inspelen op de ontwikkelingen binnen de Jeugdhulp en werken we hard aan een structureel positief financieel resultaat.

In de jaarrekening 2016 is een bijzondere last van € 1,0 miljoen verwerkt. Dit zijn kosten door de sluiting van JJI-instelling Amsterbaken in 2015. Dit bedrag is ten laste gebracht aan de, vorig jaar gevormde, bestemmingsreserve. De komende jaren halen we jaarlijks een bedrag uit deze bestemmingsreserve dat ten gunste van het resultaat wordt gebracht. De reserves bedragen eind 2016 € 16,5 miljoen.

Spirit heeft langlopende leningen waarmee we enkele residentiële voorzieningen financieren. Een deel van de panden die wij in eigendom hebben dienen als onderpand voor deze leningen. We voldoen met de huidige ratio’s (solvabiliteit en liquiditeit) aan de gemaakt afspraken met de bank en we verwachten dat dit ook zo blijft.

Voor 2017 zijn alle inkoopcontracten afgesloten met gemeenten. Het volume is vergelijkbaar met dat van 2016. Vanaf 2018 komt er een nieuwe werkwijze in de jeugdhulp. De gemeenten kopen dan geen producten meer in, maar trajecten. Er zijn 44 product-intensiteits-combinaties gedefinieerd, waaraan een vast bedrag gekoppeld is. Dat geeft vrijheid aan de wijze waarop we de hulpverlening voor een gezin kunnen invullen. Om deze flexibiliteit vanuit financieel perspectief goed te ondersteunen en te bewaken, werken we momenteel aan een implementatieplan.

Balans, winst en verliesrekening

Download hier de Balans, winst en verliesrekening 2016. Wilt u de gehele jaarrekening ontvangen? Neem contact op met afdeling Financiën via 020 – 540 05 60.

Beloningsbeleid

Voor het beloningsbeleid volgt Spirit de CAO-jeugdzorg en de kaders Wet Normering Topinkomens.

RSIN

Het RSIN-nummer van Spirit is 8008.73.701

Infographic Spirit Kerncijfers 2016 : continu werken aan betere zorg voor jeugdigen en gezinnen

Ook in 2016 hebben we belangrijke stappen gezet in het realiseren van de transformatiedoelen. In de infographic ‘Spirit Kerncijfers  2016’ zie je wat Spirit samen met de jeugdigen en gezinnen in 2016 heeft bereikt. We werken met hart en ziel aan betere zorg voor kinderen en jongeren (jeugdigen) en hun ouders die problemen hebben en hulp nodig hebben bij het gezond opgroeien. Het primaire doel is dat we er met elkaar voor zorgen dat iedere jeugdige een zo sterk mogelijke basis krijgt en houdt, perspectief heeft en meetelt en meedoet in onze samenleving.

Met de cijfers in de infographic krijg je inzicht in hoe Spirit werkt aan de transformatie. Ook laten we trends en ontwikkelingen zien. Met veel enthousiasme blijven wij continu op zoek naar innovatieve en effectieve concepten waardoor kinderen en jongeren kansrijk opgroeien!

Stel ons een vraag

Of bel ons
020 540 05 00

Aanmelden nieuwsbrief