InVerbinding

InVerbinding is er voor gezinnen met jongeren van 12 tot 23 jaar waar ernstige problemen spelen en uithuisplaatsing dreigt. Iedere situatie is uniek en vraagt om een unieke oplossing. De jongere kiest een vertrouwenspersoon; iemand die zowel van de jongere als de ouders vertrouwen krijgt en met de hulpverleners wil samenwerken. Bijvoorbeeld een tante, buurman, goede vriendin of sportcoach. Dit is een door ‘jouw ingebrachte mentor’, oftewel een JIM. De hulpverleners helpen de jongere, ouders en JIM om de problemen de baas te worden. In vrijwel alle gevallen is uithuisplaatsing dan niet meer nodig

 

Meer weten? Neem contact op met het aanmeldteam.

 

Je bent tussen de 12 en 23 jaar. Het gaat al langere tijd niet goed met je. Thuis voelt niet meer als thuis. Op school of op je werk gaat het zo slecht, dat je niet meer weet wat je moet doen. Je wilt graag hulp van iemand uit je vertrouwde omgeving. Dan is InVerbinding iets voor jou.

Jouw ingebrachte mentor (JIM)

Bij InVerbinding werken verschillende hulpverleners met elkaar samen om jou en je ouders te helpen. Maar wat veel belangrijker is: je kiest zelf een ‘mentor’. Iemand die je kent en vertrouwt, iemand die jou wil helpen. Dat noemen we een JIM: ‘jouw ingebrachte mentor’.

Wie is jouw JIM?

Jouw ingebrachte mentor (JIM) is een volwassene uit je omgeving. Dat kan bijvoorbeeld een tante zijn of een ander familielid. Een buurman misschien, of iemand van je sportvereniging. Het is belangrijk dat hij of zij er voor jou wil zijn in deze moeilijke tijd. Ook moeten je ouders achter jouw keuze staan.

Wat doet een JIM?

Elke JIM is anders. Het is iemand die jou goed kent en begrijpt waar jij behoefte aan hebt. Het kan zijn dat je er af en toe naartoe kunt om te praten of samen dingen te doen. Het kan ook zijn dat hij of zij je helpt met praktische dingen, zoals je huiswerk of met het plannen van schoolwerk. Misschien kun je er af en toe logeren. Eigenlijk hangt het van jou af; wat heb jij nodig? De JIM is ook belangrijk als adviseur voor de hulpverleners, omdat hij of zij jou goed kent.

Veilig samenwerken

Een team van hulpverleners met verschillende kennis helpt jou, je ouders en de JIM om de problemen de baas te worden. Het team is bereikbaar voor vragen en hulp en zorgt met jullie dat de situatie thuis verbetert. De JIM krijgt zelf ook persoonlijke begeleiding en advies. Er is regelmatig overleg, waarin je met elkaar kijkt wat de beste manier is om dingen aan te pakken. Ook andere mensen uit de omgeving kunnen meehelpen: bijvoorbeeld de huisarts of een leraar van school. Uiteindelijk is het de bedoeling dat je zelf verder kunt, met steun van de mensen om je heen.

In jouw omgeving

Het programma is er in Amsterdam en omgeving. Het is de bedoeling dat je thuis blijft wonen tijdens de hulp van het team van InVerbinding. Gaat dat echt niet, dan zijn er mogelijkheden voor tijdelijke opvang, bij een bekende of een crisisopvang. Soms is dat goed om te zorgen dat iedereen even rust krijgt. Het belangrijkst is dat we samenwerken op een plek die voor jou vertrouwd en veilig is.

Het loopt niet lekker tussen jou en je kind. De problemen stapelen zich op en zelfs uithuisplaatsing is al aan bod gekomen. Om dit te voorkomen wordt InVerbinding ingezet. Het team werkt samen met een JIM (jouw ingebrachte mentor): een oom, tante of buurman, die door jouw kind is aangewezen als zijn vertrouwenspersoon en die jij als ondersteunend ervaart. De JIM is een steunfiguur voor je kind en een adviseur voor jou als ouder.

Je zoon of dochter krijgt hulp van verschillende hulpverleners de bij jou thuis komen of op een locatie van een zorginstelling. Het team bestaat uit medewerkers uit de verslavingszorg, de zorg voor licht verstandelijk beperkten, de geestelijke gezondheidszorg en jeugd- en opvoedhulp.

Soms kom je het tegen in je werk: een jongere tussen de 12 en 23 jaar waarbij het zo slecht gaat, dat er een uithuisplaatsing dreigt. Er speelt al langere tijd een combinatie van problemen, zoals verslaving, psychiatrische problemen, opvoedingsproblemen of lichte verstandelijke beperkingen (lvb), en hulpverlening heeft tot nu toe niet mogen baten. Het intersectorale programma InVerbinding biedt het gezin de mogelijkheid om de uithuisplaatsing toch nog te voorkomen, met inzet van het eigen netwerk. De belangrijkste rol is daarin weggelegd voor een JIM: een ‘jouw ingebrachte mentor’ die de jongere zelf kiest. De JIM-aanpak is een werkwijze die formele en informele betrokkenheid met elkaar verbindt en bestaande verbindingen in het sociaal netwerk verstevigt.

Rol van de JIM

De JIM functioneert primair als een mentor voor de jongere. Daarnaast is de JIM een belangrijke bron van informatie en advies voor de hulpverleners, die zelf een iets terughoudender houding aannemen. Door het inzetten van een JIM, maakt het gezin meer gebruik van de kracht van het eigen netwerk.

Outreachend en intersectoraal

Een team van experts uit diverse disciplines (jeugd- en opvoedhulp, psychiatrie, verslavingszorg en lvb) werkt samen om op maat de hulp te bieden die nodig is voor een gezin.

Residentieel alleen als het moet

Het programma vindt plaats in de vertrouwde omgeving van de jongere. Het dagelijks leven gaat zoveel mogelijk ‘gewoon’ door. Zo krijgt de manier waarop de jongere en de ouders de problemen aanpakken en de steun die de omgeving kan bieden, volop aandacht.
Is het toch nodig dat de jongere tijdelijke opvang krijgt, dan heeft het de voorkeur deze te realiseren bij een bekende van het gezin. Lukt dat niet, dan kan de jongere tijdelijk bij een crisisopvang van Spirit terecht.

Verloop van het programma

  1. De eerste fase vergroot de motivatie van de gezinsleden om het sociale netwerk in te zetten. De jongere wijst iemand aan, die kan fungeren als JIM. De potentiële JIM krijgt een gesprek met een professional.
  2. In de tweede fase komt de samenwerking aan de orde, delen de gezinsleden hun ervaringen over het eerdere verloop van de problematiek en hun wensen voor de toekomst. De JIM brengt zijn of haar eigen ervaring in, de ervaringen met het gezin en een visie op de toekomst. De professional brengt alles in kaart en bespreekt zijn visie op de ontwikkeling van de jongere.
  3. In de derde fase is het doel ten eerste om te komen tot besluitvorming over de veranderingsdoelen. Na het bereiken van consensus, worden de acties uitgevoerd. Dit kan bijvoorbeeld betekenen dat de JIM huiswerkbegeleiding biedt of dat er gezinsgesprekken zijn.
  4. In fase vier vindt er weer een keuze plaats: is het al tijd voor afronding of doorloopt men de cyclus nogmaals? Het doel van deze fase is om het resultaat te stabiliseren, inclusief de samenwerking tussen gezin en omgeving.

Stel ons een vraag

Of bel ons
020 540 05 00

Aanmelden nieuwsbrief