Wat werkt in de gesloten jeugdzorg?

Dat was reden voor het VUmc om een onderzoek te starten naar de invloed van neurobiologische en neuropyschologische kenmerken op een behandeltraject. ‘We kunnen niet goed voorspellen welke jongeren wel of niet profiteren van gesloten opname’, vertelt kinder- en jeugdpsychiater Tijs Jambroes.

Op vrijdag 21 november was er een werkconferentie in de Koppeling, behandelcentrum JeugdzorgPlus, om de wetenschap en praktijk dichter bij elkaar te brengen. Jeugdbescherming, behandelaars vanuit verschillende hulpverleningsinstellingen, beleidsmakers vanuit gemeenten, een kinderrechter en scholen waren aanwezig.

Onderzoek vertaalt naar de praktijk

De uitkomsten van het onderzoek bieden verbeteringen voor de praktijk, de indicatiestelling en de behandeling. Jambroes: ‘We weten nu bijvoorbeeld dat we onderscheid kunnen maken in een aantal subgroepen die mogelijk een ander soort behandeling nodig hebben. Jongeren met kille- en emotieloze eigenschappen moeten we wellicht iets langer opnemen. De behandeling zou meer gericht moeten zijn op de afname van deze eigenschappen en niet op de afname van agressie.
Daarnaast zijn jongeren die bij stress minder stresshormonen aanmaken minder gevoelig voor de negatieve consequenties van hun gedrag. Zij moeten in de behandeling meer worden beloond in plaats van worden gestraft. Verder zouden we in therapie meer moeten richten op cognitieve denkfouten, zoals het toeschrijven van succeservaringen aan jezelf en faalervaringen aan de buitenwereld. De vermindering van deze denkfouten leiden tot een afname van agressie. Ook hebben we aanvullende aanwijzingen gevonden dat meisjes en jongens in de gesloten jeugdzorg verschillend behandeld moeten worden.’

Panels

Panelleden op de werkconferentie gaven hun kijk op de problematiek en de uitkomsten van het onderzoek:
Frederique Coelman, directeur van de Koppeling, vindt dat indicatiestelling en diagnostiek bij JeugdzorgPlus anders moet worden ingericht: ‘Bijvoorbeeld op maat inzetten van behandelinterventies. Het zou goed zijn als medewerkers traumasensitieve hulp kunnen verlenen om problematiek onder meisjes beter te herkennen. En jongeren met veel kille- en emotieloze eigenschappen hebben een meer individuele aanpak nodig.’
Suzan Terweij van Transferium pleit voor een mobiel team dat als een viertrapsraket te werk gaat; signaleren, diagnostiek, motiveren en behandeling.
Nathalie Kramp van de Gemeente Amsterdam is vooral benieuwd naar wat we concreet kunnen doen met alle kennis, bijvoorbeeld voor het verkorten van trajecten en de aansluiting bij ambulante zorg om zo de kosten beheersbaar te houden.
Bas Brown, psychotherapeut bij de Bascule, pleit voor betere samenwerking tussen verschillende hulpverleningsinstanties, bijvoorbeeld op de scholen.
Geert van Wesemael houdt zich als GZ-psycholoog voornamelijk bezig met indicatiestelling: ‘Ik geloof niet in preventief opnemen, wel in een systeemgerichte aanpak met tegelijkertijd het aanbieden van een goed toekomstperspectief.’
Kinderrechter Rein Odink pleit voor maatwerk. ‘Projecteer algemene kennis niet op individuen, maar maak een concrete vertaling. Lever maatwerk. En ik onderschrijf het nazorgperspectief: je kan sleutelen wat je wilt, als je geen perspectief biedt, werkt het niet.’

Discussie

Na de visiedeling was er ruimte voor discussie. Vernieuwende inzichten en aanbevelingen over onder andere maatwerk, kleinschaligheid, leefklimaat, handvatten voor opvoeders en professionals en nieuwe wetenschappelijke ideeën waren de opbrengst deze constructieve bijeenkomst.

Meer informatie

Lees hier het verslag van de werkconferentie:
‘Bij wie werkt wat in de gesloten jeugdzorg’.

Voor meer informatie over het onderzoek kunt u contact opnemen met kinder- en jeugdpsychiater Tijs Jambroes van de Bascule. Hij is bereikbaar via t.jambroes@debascule.com. De resultaten van zijn onderzoek komen na zijn promotie eind 2015 online te staan. Houd de webpagina van de
afdeling kinder- en jeugdpsychiatrie in de gaten!

Kijk voor meer informatie over JeugdzorgPlus op de website van de Koppeling.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *